|
|

Kaatsen
Kaatsen is een balspel van 2 teams van 3 spelers tegen elkaar op gras, waarbij het ene team de opslag verzorgt en de andere partij vanuit het perk de retourslag. Beide teams kunnen punten scoren. Met een opslagbal (onderhandse slagbeweging met blote hand naar het perk) kun je direct punten maken; met een retourslag vanuit het perk (bovenhands of onderhands, meestal met handschoen) kun je door ver te slaan (bovenslag) eveneens direct scoren. Vaak komt de bal ergens in het speelveld tot stilstand en dat betekent een onbesliste slag, die wordt gemarkeerd met een houten blokje, de kaats. Nadat de teams hebben gewisseld van functies opslag en retourslag, wordt dan de onbesliste slag verkaatst.
Puntentelling en telegraaf In de puntentelling leveren 4 winnende slagen (2-4-6-8) een ‘eerst’ op. Twee eersten heet een spel. De partij is gewonnen door het team, dat als eerste 6 eersten (of 3 spellen) heeft verzameld. De puntentelling wordt bijgehouden op een scorebord, genaamd een telegraaf. Een kaatswedstrijd wordt meestal in toernooivorm gespeeld, zodat een team pas winnaar is, als 4 tot 6 partijen zijn gewonnen. De winnaars krijgen een krans omgehangen en de beste speler van de dag wordt uitgeroepen tot koning van de wedstrijd. Kaatsers hangen de gewonnen kransen aan de gevel van hun huis.
Attributen kaatsbal en kaatshandschoen: Een ambachtelijk gemaakte kaatsbal is van leer en gevuld met koeienhaar, gewicht is ongeveer 24 gram. Perkspelers dragen voor de retourslag als handbescherming een kaatshandschoen met een versteviging.
Kaatsveld: Er wordt op gras gespeeld. De witte belijning van katoen of kunststof wordt aangebracht en met krammen in de grond vastgezet. Witte proppen worden geplaatst om het perk en andere punten in het veld duidelijk aan te geven. Witte bovenpalen van 6 meter lengte zijn op de hoeken van de bovenlijn geplaatst om goed te kunnen beoordelen of de uitgeslagen bal goed over de bovenlijn gaat of eerder via de zijlijn het veld uit gaat (kwaadslag).
|